Aan het woord.

Hier lees je de verhalen van vaders, moeders, opa’s, oma’s broertjes, zusjes, hulpverleners, gynaecologen en verloskundigen. Verhalen van mensen die het zelf hebben meegemaakt. Samen met mijn eigen verhaal hoop ik dat deze verhalen mijn missie ondersteunen om het onderwerp bespreekbaar te maken. Met jouw verhaal help je anderen.

Wil jij je verhaal ook delen? Stuur me een berichtje. Onderaan de pagina staat de button hiervoor.
Samen doorbreken we het taboe!

Paul.

Na twee echo’s volgt de harde werkelijkheid, ons kindje is overleden.

Vrijdag 15 augustus 2012, onze laatste vakantiedag. Mijn vrouw ging voor een controle naar de verloskundige. Aangezien we al ruim voorbij de 12 weken waren ging ze alleen en bleef ik bij onze 3 kinderen. Lekker spelen want het immers onze laatste vakantiedag. De tijd vliegt voorbij en ik vraag me ineens af dat het wel erg lang duurt voordat mijn vrouw terug komt. 

Ik dacht bel haar eens maar krijg geen gehoor. Het zal wel druk zijn denk ik. Dan anderhalf uur na de geplande afspraak belt mijn vrouw huilend op. Ik schrik me rot! Wat is er gebeurd? Ze komt in eerste instantie lastig uit haar woorden, maar uiteindelijk begrijp dat het er niet goed uitziet en dat het kindje is overleden. Mijn wereld staat even stil. Heel dubbel want aan tafel zitten 2 vrolijke gezichtjes me aan te kijken omdat ze aan het winnen zijn van mij met een spelletje en aan mijn been hangt nummer 3 vrolijk klimmend om op mijn schoot te komen. We moeten meteen naar het ziekenhuis. Mijn ouders gebeld om voor de jongens te zorgen en als een gek naar het ziekenhuis.

Daar nogmaals een extra echo en dan volgt de harde werkelijkheid. Ons kindje is overleden. Mijn vrouw wil dan ook maar meteen dat ze bevalt want ze vind het niet prettig dat er een overleden kindje in haar buik zit. Dit kost even wat moeite in het ziekenhuis maar na aandringen mogen we ons de volgende morgen om 7 uur melden om te “bevallen”. Dan volgt een lange zware tijd waarbij je als man alleen maar kan proberen om er te zijn voor je vrouw. De pijn, het verdriet, de grote vraag waarom bij ons? Alles schiet door je hoofd maar vooral de onmacht die je hebt omdat je ziet hoeveel verdriet je vrouw heeft en je kunt voor je gevoel niet genoeg doen. 

De periode tot de bevalling begint duurt lang. De begeleiding in het ziekenhuis is top maar we worden wel geconfronteerd met vragen waar we nog helemaal niet over na gedacht hebben. Gelukkig kunnen mijn vrouw en ik goed praten en al pratende komen we de tijd door en nemen we beslissingen over, geven we het kindje een naam, gaan we het begraven, hebben we al een knuffel, wat zeggen we tegen de jongens en uiteraard de vraag waarom…

Dan het moment van bevallen. De vorige drie bevallingen waren niet zo zwaar als deze. Het duurt al met al 10 minuten maar voor mijn vrouw duurt het heel lang. Dan een plof. Ons kindje valt in de Po in de WC. Mijn vrouw twijfelt of ze ons kindje wil zien. Ik wil het wel zien en geef aan dat als ze dat niet wil ik ook een foto kan nemen zodat ze altijd op een later moment kan terugkijken. Uiteindelijk beslist ze dat ze toch wil kijken. Ik denk voor haar ook goed voor de verwerking.

Dan gaan we naar huis, terug naar onze jongens zonder kindje. Vreemd gevoel en bij mij weer een gevoel van onmacht. Mijn vrouw heeft een schuldgevoel wat ik op dat moment niet weg krijg bij haar. Dan staan er 3 blije jongens die blij zijn dat we er weer zijn, we besluiten om hun nu nog niets te vertellen. Komt wel later als we het zelf een plekje hebben gegeven en zij een leeftijd hebben dat ze het begrijpen. 

Het leven gaat dan heel snel weer verder. Je probeert er te zijn voor je vrouw echter soms is dit lastig omdat verdriet en onmacht de boventoon voert. Voor ons heeft praten enorm geholpen. Iedere dag hadden we het erover en lieten we onze gevoelens en emoties ook horen aan elkaar. Hierdoor zijn we nog meer naar elkaar toegegroeid. Samen zijn we hier sterker uitgekomen en heeft het een plekje gekregen in ons hart. We zijn nog ouders geworden van een prachtige dochter en onze 4 kinderen weten nu dat er eigenlijk nog een broertje was geweest. We praten er nog steeds wel eens over en dat maakt het fijn want zo heeft een vervelende ervaring uiteindelijk toch een plekje in je hart.

T.

Op verzoek gebruiken we niet haar volledige naam.

We kregen beschuit met suiker in plaats van muisjes.

Het is 1976. Mijn zwangerschapstest is positief! Blij en gelukkig. De baby wordt eind juli begin augustus 1977 verwacht. Uit de controle bij de verloskundige blijkt dat mijn bloeddruk langzaamaan te hoog wordt. Daarom word ik doorverwezen naar het ziekenhuis. Voor de bloeddruk krijg ik medicijnen en ik moet veel rusten. 

Eerst in het ziekenhuis en later thuis. De verloskundige komt regelmatig langs om te controleren. Werken mag ik niet meer.

Het wordt Pinksteren en ik had een vreemd gevoel. Voor de zekerheid kwam de verloskundige toch even langs en na de Pinksterdagen toch maar weer naar het ziekenhuis. Daar werd ik door een assistent “bekeken” en op de achtergrond hoorde hij volgens hem het hartje kloppen. Later bleek het de navelstreng. Ik mocht naar huis, maar niet helemaal overtuigd. Op 1 juni via de verloskundige weer naar het ziekenhuis. Zij kon de hartslag van de baby niet lokaliseren. Een echo gemaakt en er was geen hartslag meer te zien.

Op 2 juni word ik ingeleid maar helaas gebeurt er niets. Een dag later rond 9 uur moet ik met spoed naar de verloskamer, na veel aandringen van mij. Het is net op tijd. De baby wordt geboren en meteen door een verpleegster in een groene doek weggebracht. 

Ik heb nog maanden nachtmerries van deze beelden gehad, de contouren van de baby kon ik goed zien. Er werd niet gevraagd of ik het nog wilde zien en er werd niet verteld of het een jongen of een meisje was. Helemaal niets. We kregen een beschuit met suiker! Hoe verzinnen ze het!

Ik werd op een zaal gelegd met een jonge moeder die ook haar baby had verloren. Ik heb hete tranen gehuild. Wat voelde ik me alleen en verlaten. Er werd nergens meer over gesproken en na 10 dagen mocht ik naar huis. Geen dikke buik meer, maar ook geen baby.

Een paar weken later kreeg ik last van dikke voeten en benen. Volgens de huisarts was dat heel normaal in dit stadium van de zwangerschap. En toen brak ik! Het ziekenhuis had niets doorgegeven aan mijn huisarts. Woedend heeft deze in mijn bijzijn het ziekenhuis gebeld en is flink van leer getrokken tegen de gynaecoloog.

We hadden toestemming gegeven aan het ziekenhuis om te onderzoeken waarom deze baby vroegtijdig was overleden. Wat blijkt, ik had verkeerde medicijnen tegen mijn hoge bloeddruk gekregen en daardoor was mijn baby verhongerd en overleden.

Zes weken na de bevalling moest ik op controle in het ziekenhuis. Volgens de arts had ik gewoon pech gehad. Als ik weer 2 weken over tijd was kon ik weer een zwangerschapstest laten doen en dan zag hij me wel weer terug. Wat een lef! Niet een woord over de gang van zaken, geen excuses, helemaal niets. Ik heb hem toen gezegd dat ik nooit meer bij hem terug zou komen. En dan krijg je als antwoord: nou nou mevrouwtje, dat zien we dan wel weer als uw hormonen wat uitgewerkt zijn. U bent nog zo jong, u kunt nog genoeg kinderen krijgen. Ik ben woedend de deur uitgelopen.

Toen begon de lange tijd van gissen: wat was het geslacht van de baby en waar was de baby gebleven na het onderzoek? In 1978, 1980 en 1982 worden 3 gezonde dochters geboren. In een ander ziekenhuis en met een andere gynaecoloog. Ondanks dat blijven de vele vragen uit 1977 knagen.

Op een begraafplaats in de buurt wordt een monumentje voor het gedragen kind opgericht. Ik ga daar ieder jaar naar toe, het werd een beetje mijn plekje.

In 2009 kregen wij een andere huisarts. Bij een van mijn bezoeken aan hem vroeg hij mij of ik ergens mee zat. Toen heb ik hem dit verhaal verteld en hij was geschokt. Hij vroeg om toestemming om het een en ander uit te zoeken. Die heb ik hem gegeven, maar ik verwachtte er eigenlijk niets van. Twee weken later moest ik bij hem komen. Hij had de gegevens boven water gekregen! Na 33 jaar wist ik dat wij in 1977 een dochtertje hadden gekregen! En dat de kindjes in die tijd op een bepaalde begraafplaats in een, toen nog, stukje ongewijde grond werden begraven. Dat hebben we nooit geweten. Laat dat nu de begraafplaats zijn waar ik naar dat monumentje ga. Op de begraafplaats kwam ik heel toevallig de beheerder tegen. Toen ik hem vroeg waar de kindjes begraven waren in die tijd nam hij me mee naar een rustig plekje gras, geflankeerd door 4 dakplantanen. Hier heb ik gehuild…

Nu ga ik ieder jaar op 3 juni, samen met een van haar zussen, naar haar plekje om een ster met een lint aan een van de bomen te hangen en zet ik een bloemetje bij het monumentje.

Inmiddels staan ook onze namen op de plaquette van ouders met een gedragen kind op de muur achter het monumentje. Ook hebben we nu een akte van de gemeente van een levenloos geboren kind en staat ze bijgeschreven in het geboorteregister. Verder is ze bijgeschreven in ons trouwboekje, bij haar zussen. Eindelijk is ze erkent!

En afgelopen jaar hebben we voor het eerst op wereldlichtjesdag een kaarsje voor ons kindje laten branden in een kapel. Dit werd georganiseerd door 2 dames die ook een kindje hebben verloren. De dag daarna kwam een van de dames het waxinelichtjeshoudertje brengen waar het lichtje in had gebrand. Heel dankbaar voor dit lieve gebaar.’

Sophie.

Een plekje waar we ons vruchtje nieuw leven geven.

‘Op het moment dat je een miskraam hebt, gaat er zoveel door je heen. Verdriet, angst, onzekerheid en pijn. Het voelde allemaal zo onwerkelijk. Vooral het moment dat je jouw vruchtje verliest. Ikzelf, ik kon het niet doorspoelen of wegdoen. Ik was wel vastberaden dat ik iets met het vruchtje wilde doen, maar wat? 

Samen met mijn man ben ik naar een tuincentrum gegaan waar we een tropische plant wilde halen voor in de badkamer, aangezien dat de plek was van de ontdekking van de zwangerschap en ook de plek waar ik het vruchtje verloor. Het werden twee plantjes die warmte en nieuw leven in de badkamer kwamen brengen. En ook het plekje waar we ons vruchtje nieuw leven geven. Door dit te hebben gedaan ervaarde ik meer rust. Ik merkte dat ik begon met de verwerking en tevens was het ook een stukje afsluiting. Het werd iets tastbaars en dat is wat ik nodig had.’

Jessie.

Er was geen andere weg om te kiezen anders overleefde ik het zelf niet.

’Het moment dat je te horen krijgt dat er sprake is van een buitenbaarmoederlijke zwangerschap is vreselijk. Ik hoor de woorden nog elke dag in mijn hoofd. Je wereld stort in, de controle wordt afgenomen en beslissingen worden voor je gemaakt. Je wilt er tegen vechten, maar je bent totaal machteloos.

Dan word je wakker.. zowel je kindje als je eileider is van je afgenomen. De pijn en het verdriet zijn onbeschrijfelijk, je bent wederom machteloos. Er is geen weg meer terug, maar er was ook geen andere weg om te kiezen, anders overleefde ik het zelf niet.’

Heb je een vraag of wil je meer info? Geen probleem, klik daarvoor even op de knop.

Angels Forever is gecertificeerd door Miskraambegeleiding Nederland.

077 543 41 32

Deken van Oppensingel 23, 5911 AA Venlo

Volg jij Angels Forever al?

Aan het woord.

Hier lees je de verhalen van vaders, moeders, opa’s, oma’s broertjes, zusjes, hulpverleners, gynaecologen en verloskundigen. Verhalen van mensen die het zelf hebben meegemaakt. Samen met mijn eigen verhaal hoop ik dat deze verhalen mijn missie ondersteunen om het onderwerp bespreekbaar te maken. Met jouw verhaal help je anderen.

Wil jij je verhaal ook delen? Stuur me een berichtje. Onderaan de pagina staat de button hiervoor. Samen doorbreken we het taboe!

Paul.

Na twee echo’s volgt de harde werkelijkheid, ons kindje is overleden.

Vrijdag 15 augustus 2012, onze laatste vakantiedag. Mijn vrouw ging voor een controle naar de verloskundige. Aangezien we al ruim voorbij de 12 weken waren ging ze alleen en bleef ik bij onze 3 kinderen. Lekker spelen want het immers onze laatste vakantiedag. De tijd vliegt voorbij en ik vraag me ineens af dat het wel erg lang duurt voordat mijn vrouw terug komt. 

Ik dacht bel haar eens maar krijg geen gehoor. Het zal wel druk zijn denk ik. Dan anderhalf uur na de geplande afspraak belt mijn vrouw huilend op. Ik schrik me rot! Wat is er gebeurd? Ze komt in eerste instantie lastig uit haar woorden, maar uiteindelijk begrijp dat het er niet goed uitziet en dat het kindje is overleden. Mijn wereld staat even stil. Heel dubbel want aan tafel zitten 2 vrolijke gezichtjes me aan te kijken omdat ze aan het winnen zijn van mij met een spelletje en aan mijn been hangt nummer 3 vrolijk klimmend om op mijn schoot te komen. We moeten meteen naar het ziekenhuis. Mijn ouders gebeld om voor de jongens te zorgen en als een gek naar het ziekenhuis.

Daar nogmaals een extra echo en dan volgt de harde werkelijkheid. Ons kindje is overleden. Mijn vrouw wil dan ook maar meteen dat ze bevalt want ze vind het niet prettig dat er een overleden kindje in haar buik zit. Dit kost even wat moeite in het ziekenhuis maar na aandringen mogen we ons de volgende morgen om 7 uur melden om te “bevallen”. Dan volgt een lange zware tijd waarbij je als man alleen maar kan proberen om er te zijn voor je vrouw. De pijn, het verdriet, de grote vraag waarom bij ons? Alles schiet door je hoofd maar vooral de onmacht die je hebt omdat je ziet hoeveel verdriet je vrouw heeft en je kunt voor je gevoel niet genoeg doen.

De periode tot de bevalling begint duurt lang. De begeleiding in het ziekenhuis is top maar we worden wel geconfronteerd met vragen waar we nog helemaal niet over na gedacht hebben. Gelukkig kunnen mijn vrouw en ik goed praten en al pratende komen we de tijd door en nemen we beslissingen over, geven we het kindje een naam, gaan we het begraven, hebben we al een knuffel, wat zeggen we tegen de jongens en uiteraard de vraag waarom…

Dan het moment van bevallen. De vorige drie bevallingen waren niet zo zwaar als deze. Het duurt al met al 10 minuten maar voor mijn vrouw duurt het heel lang. Dan een plof. Ons kindje valt in de Po in de WC. Mijn vrouw twijfelt of ze ons kindje wil zien. Ik wil het wel zien en geef aan dat als ze dat niet wil ik ook een foto kan nemen zodat ze altijd op een later moment kan terugkijken. Uiteindelijk beslist ze dat ze toch wil kijken. Ik denk voor haar ook goed voor de verwerking.

Dan gaan we naar huis, terug naar onze jongens zonder kindje. Vreemd gevoel en bij mij weer een gevoel van onmacht. Mijn vrouw heeft een schuldgevoel wat ik op dat moment niet weg krijg bij haar. Dan staan er 3 blije jongens die blij zijn dat we er weer zijn, we besluiten om hun nu nog niets te vertellen. Komt wel later als we het zelf een plekje hebben gegeven en zij een leeftijd hebben dat ze het begrijpen.

Het leven gaat dan heel snel weer verder. Je probeert er te zijn voor je vrouw echter soms is dit lastig omdat verdriet en onmacht de boventoon voert. Voor ons heeft praten enorm geholpen. Iedere dag hadden we het erover en lieten we onze gevoelens en emoties ook horen aan elkaar. Hierdoor zijn we nog meer naar elkaar toegegroeid. Samen zijn we hier sterker uitgekomen en heeft het een plekje gekregen in ons hart. We zijn nog ouders geworden van een prachtige dochter en onze 4 kinderen weten nu dat er eigenlijk nog een broertje was geweest. We praten er nog steeds wel eens over en dat maakt het fijn want zo heeft een vervelende ervaring uiteindelijk toch een plekje in je hart.

T.

Op verzoek gebruiken we niet haar volledige naam.

We kregen beschuit met suiker in plaats van muisjes.

‘Het is 1976. Mijn zwangerschapstest is positief! Blij en gelukkig. De baby wordt eind juli begin augustus 1977 verwacht. Uit de controle bij de verloskundige blijkt dat mijn bloeddruk langzaamaan te hoog wordt. Daarom word ik doorverwezen naar het ziekenhuis. Voor de bloeddruk krijg ik medicijnen en ik moet veel rusten. 

Eerst in het ziekenhuis en later thuis. De verloskundige komt regelmatig langs om te controleren. Werken mag ik niet meer.

Het wordt Pinksteren en ik had een vreemd gevoel. Voor de zekerheid kwam de verloskundige toch even langs en na de Pinksterdagen toch maar weer naar het ziekenhuis. Daar werd ik door een assistent “bekeken” en op de achtergrond hoorde hij volgens hem het hartje kloppen. Later bleek het de navelstreng. Ik mocht naar huis, maar niet helemaal overtuigd. Op 1 juni via de verloskundige weer naar het ziekenhuis. Zij kon de hartslag van de baby niet lokaliseren. Een echo gemaakt en er was geen hartslag meer te zien.

Op 2 juni word ik ingeleid maar helaas gebeurt er niets. Een dag later rond 9 uur moet ik met spoed naar de verloskamer, na veel aandringen van mij. Het is net op tijd. De baby wordt geboren en meteen door een verpleegster in een groene doek weggebracht.

Ik heb nog maanden nachtmerries van deze beelden gehad, de contouren van de baby kon ik goed zien. Er werd niet gevraagd of ik het nog wilde zien en er werd niet verteld of het een jongen of een meisje was. Helemaal niets. We kregen een beschuit met suiker! Hoe verzinnen ze het!

Ik werd op een zaal gelegd met een jonge moeder die ook haar baby had verloren. Ik heb hete tranen gehuild. Wat voelde ik me alleen en verlaten. Er werd nergens meer over gesproken en na 10 dagen mocht ik naar huis. Geen dikke buik meer, maar ook geen baby.

Een paar weken later kreeg ik last van dikke voeten en benen. Volgens de huisarts was dat heel normaal in dit stadium van de zwangerschap. En toen brak ik! Het ziekenhuis had niets doorgegeven aan mijn huisarts. Woedend heeft deze in mijn bijzijn het ziekenhuis gebeld en is flink van leer getrokken tegen de gynaecoloog.

We hadden toestemming gegeven aan het ziekenhuis om te onderzoeken waarom deze baby vroegtijdig was overleden. Wat blijkt, ik had verkeerde medicijnen tegen mijn hoge bloeddruk gekregen en daardoor was mijn baby verhongerd en overleden.

Zes weken na de bevalling moest ik op controle in het ziekenhuis. Volgens de arts had ik gewoon pech gehad. Als ik weer 2 weken over tijd was kon ik weer een zwangerschapstest laten doen en dan zag hij me wel weer terug. Wat een lef! Niet een woord over de gang van zaken, geen excuses, helemaal niets. Ik heb hem toen gezegd dat ik nooit meer bij hem terug zou komen. En dan krijg je als antwoord: nou nou mevrouwtje, dat zien we dan wel weer als uw hormonen wat uitgewerkt zijn. U bent nog zo jong, u kunt nog genoeg kinderen krijgen. Ik ben woedend de deur uitgelopen.

Toen begon de lange tijd van gissen: wat was het geslacht van de baby en waar was de baby gebleven na het onderzoek? In 1978, 1980 en 1982 worden 3 gezonde dochters geboren. In een ander ziekenhuis en met een andere gynaecoloog. Ondanks dat blijven de vele vragen uit 1977 knagen.

Op een begraafplaats in de buurt wordt een monumentje voor het gedragen kind opgericht. Ik ga daar ieder jaar naar toe, het werd een beetje mijn plekje.

In 2009 kregen wij een andere huisarts. Bij een van mijn bezoeken aan hem vroeg hij mij of ik ergens mee zat. Toen heb ik hem dit verhaal verteld en hij was geschokt. Hij vroeg om toestemming om het een en ander uit te zoeken. Die heb ik hem gegeven, maar ik verwachtte er eigenlijk niets van. Twee weken later moest ik bij hem komen. Hij had de gegevens boven water gekregen! Na 33 jaar wist ik dat wij in 1977 een dochtertje hadden gekregen! En dat de kindjes in die tijd op een bepaalde begraafplaats in een, toen nog, stukje ongewijde grond werden begraven. Dat hebben we nooit geweten. Laat dat nu de begraafplaats zijn waar ik naar dat monumentje ga. Op de begraafplaats kwam ik heel toevallig de beheerder tegen. Toen ik hem vroeg waar de kindjes begraven waren in die tijd nam hij me mee naar een rustig plekje gras, geflankeerd door 4 dakplantanen. Hier heb ik gehuild…

Nu ga ik ieder jaar op 3 juni, samen met een van haar zussen, naar haar plekje om een ster met een lint aan een van de bomen te hangen en zet ik een bloemetje bij het monumentje.

Inmiddels staan ook onze namen op de plaquette van ouders met een gedragen kind op de muur achter het monumentje. Ook hebben we nu een akte van de gemeente van een levenloos geboren kind en staat ze bijgeschreven in het geboorteregister. Verder is ze bijgeschreven in ons trouwboekje, bij haar zussen. Eindelijk is ze erkent!

En afgelopen jaar hebben we voor het eerst op wereldlichtjesdag een kaarsje voor ons kindje laten branden in een kapel. Dit werd georganiseerd door 2 dames die ook een kindje hebben verloren. De dag daarna kwam een van de dames het waxinelichtjeshoudertje brengen waar het lichtje in had gebrand. Heel dankbaar voor dit lieve gebaar.’

Sophie.

Een plekje waar we ons vruchtje nieuw leven geven.

‘Op het moment dat je een miskraam hebt, gaat er zoveel door je heen. Verdriet, angst, onzekerheid en pijn. Het voelde allemaal zo onwerkelijk. Vooral het moment dat je jouw vruchtje verliest. Ikzelf, ik kon het niet doorspoelen of wegdoen. Ik was wel vastberaden dat ik iets met het vruchtje wilde doen, maar wat? 

Samen met mijn man ben ik naar een tuincentrum gegaan waar we een tropische plant wilde halen voor in de badkamer, aangezien dat de plek was van de ontdekking van de zwangerschap en ook de plek waar ik het vruchtje verloor. Het werden twee plantjes die warmte en nieuw leven in de badkamer kwamen brengen. En ook het plekje waar we ons vruchtje nieuw leven geven. Door dit te hebben gedaan ervaarde ik meer rust. Ik merkte dat ik begon met de verwerking en tevens was het ook een stukje afsluiting. Het werd iets tastbaars en dat is wat ik nodig had.’

Jessie.

Er was geen andere weg om te kiezen anders overleefde ik het zelf niet.

’Het moment dat je te horen krijgt dat er sprake is van een buitenbaarmoederlijke zwangerschap is vreselijk. Ik hoor de woorden nog elke dag in mijn hoofd. Je wereld stort in, de controle wordt afgenomen en beslissingen worden voor je gemaakt. Je wilt er tegen vechten, maar je bent totaal machteloos.

Dan word je wakker.. zowel je kindje als je eileider is van je afgenomen. De pijn en het verdriet zijn onbeschrijfelijk, je bent wederom machteloos. Er is geen weg meer terug, maar er was ook geen andere weg om te kiezen, anders overleefde ik het zelf niet.’

Heb je een vraag of wil je meer info? Geen probleem, klik daarvoor even op
de knop.

Angels Forever is gecertificeerd door Miskraambegeleiding Nederland.

077 354 41 32 

Deken van Oppensingel 23,
5911 AA Venlo